1969 Herman Milikowski
Ongehuwd moederschap accepteren in plaats van tolereren
eerste   vorige   homepage   volgende   laatste
Het duurde lang voordat ongehuwde moeders niet meer als schuldigen werden nagewezen. Tot eind jaren zestig van de twintigste eeuw werden ongehuwde moeders gezien als een onaangepaste groep die de algemeen geaccepteerde gezinsstructuur ondermijnden. In de ogen van de samenleving waren zij labiel, losbandig of naïef.

Deze opvatting paste in een tijd waarin het individu verantwoordelijk werd gesteld voor zijn problemen. Dit gold ook voor gezinnen die aan de zijlijn van de samenleving stonden. Na de Tweede Wereldoorlog werden zij betiteld als asociaal. De hulpverlening hield streng toezicht en zocht oplossingen in de heropvoeding van mensen. In de jaren vijftig kwam hier verandering in. Mede dankzij de vernieuwende ideeën van Marie Kamphuis werd het maatschappelijk werk gelijkwaardiger en professioneler aangepakt. Het accent kwam te liggen op het sociaal functioneren en de zelfredzaamheid van het individu. Het vertrekpunt dat het individu zich moet aanpassen aan de normen van de samenleving, bleef bestaan.

Na de wederopbouw ging het economisch beter in Nederland. Begin jaren zestig brokkelden burgerlijke normen af en nam de kritiek op de starre maatschappelijke verhoudingen toe. Er brak een nieuwe tijd aan die werd gekenmerkt door democratisering en individualisering. De aanpassingsgedachte kwam op losse schroeven te staan evenals de discriminerende houding ten opzichte van ongehuwde moeders.

De socioloog Herman Milikowski speelde hierin een belangrijke rol. In zijn boek ‘Lof der onaangepastheid’ (1967) keerde hij zich tegen de moraliserende gedachte dat het individu zelf verantwoordelijk is voor zijn situatie. Milikowski benadrukte dat problemen veroorzaakt worden door maatschappelijke ongelijkheid en was van mening dat oplossingen gezocht moesten worden in emancipatie en het opheffen van achterstanden.

Tijdens het congres over ongehuwde moederzorg in 1969 deed Milikowski ferme uitspraken en betoogde dat ongehuwde moeders werden gediscrimineerd. Op basis van een opinieonderzoek dat hij had uitgevoerd, toonde Milikowski aan dat ongehuwde moeders door de samenleving als een probleemgroep werden gezien, vergelijkbaar met werklozen. De samenleving creëerde problemen, niet de ongehuwde moeders zelf, aldus Milikowski. Pas wanneer ongehuwde moeders gelijk werden gesteld aan andere alleenstaande moeders (weduwen, verlaten en gescheiden vrouwen) zouden zij niet meer worden gezien als een bijzondere groep. De ongehuwde moederzorg werd door Milikowski aangespoord zich te verbreden tot alle alleenstaande moeders.

Ook feministische actiegroepen zoals Dolla Mina lieten van zich horen en zorgden ervoor dat het ongehuwd moederschap onderwerp van gesprek werd. Normen die voorheen als afwijkend werden beschouwd, werden genuanceerder en er ontstond meer begrip en sympathie voor de positie van ongehuwde moeders in de samenleving. Dankzij de invloeden van het feminisme moderniseerde het maatschappelijk werk en richtte zich steeds meer op emancipatie en acceptatie van alle vormen van ouderschap.

Eind jaren negentig maakte de emancipatiegedachte plaats voor empowerment. Het maatschappelijk werk volgde deze trend, werkte meer systeemgericht en richtte zich op volwaardig burgerschap. Deze ontwikkeling zette zich door in de hedendaagse visie op participatie waarbij de regie zoveel mogelijk bij het individu wordt gelegd. Hoewel het individu niet verantwoordelijk wordt gesteld voor zijn problemen, wordt hem wel gevraagd verantwoordelijkheid te nemen voor het oplossen van zijn problemen. Het doel is dat mensen (weer) kunnen aansluiten bij de samenleving door grip te krijgen op hun eigen leven en hun omgeving. Hiermee hebben we een nieuwe aanpassingsgedachte gecreëerd, niet vanuit onmacht maar vanuit kracht.

Publicatiedatum: 22-08-2014
Datum laatste wijziging :11-12-2015
Auteur(s): Sonja Appelman,
Verwante vensters
Verder studeren
  • Frits van Wel (1999), Iedere samenleving schept haar eigen probleemgezinnen. Herman Milikowski over onmaatschappelijkheidsbestrijding en ongehuwde moederzorg. In: Honderd jaar sociale arbeid. Portretten en praktijken uit de geschiedenis van het maatschappelijk werk, p. 145-159. Onder redactie van Berteke Waaldijk, Jaap van der Stel en Geert van der Laan. Assen: Van Gorcum, 1999.
  • PDF document G.A. Kooy, H.Ph. Milikowski e..a. (1969), FIOM Conferentie De sociale positie van de niet-gehuwde moeder in Nederland Voordrachten en discussie opgenomen in Tijdschrift voor Maatschappelijk Werk 23 (1969) 22, 20 december 1969. Milikowski's voordracht 'Tolereren of accepteren?' op blz. 492-498.
  • PDF document Marcel Krutzen (2011), Lof der onaangepastheid in: SoziO, nr. 99, april 2011. Een portret van Herman Milikowski in de serie pioniers.
Literatuur
Links
Studieopdrachten Klik hier om de studieopdrachten te bekijken
eerste   vorige   homepage   volgende   laatste