Canon reclassering
logo COSA
Twee cirkelcoordinatoren van COSA in Overijssel zijn genomineerd voor de Roos van Elisabeth. Klik opo de afbeelding voor meer informartie.
Button COSA Engeland.
Samenstelling van het COSA-team, zie de tekst hiernaast.
Een Cosa team in gesprek.
De eerste Circle of Support begeleidde Charlie Taylor van 1994 toen hij vrijkwam tot zijn overlijden in 2006.
Harry Nigh, dominee van de Mennonitische kerk in Hamilton, Ontario in Canada en founding father van COSA.
Het eerste COSA-team ging in 1994 van start in Hamilton, Ontario, ligt vlak bij Toronto.
No More Victims is de eerste doelstelling van COSA
Mechtild Höing is een van de onderzoekers die COSA in Nederland heeft geïntroduceerd.
Bas Vogelvang leidde de introductie van de COSA-methodiek in Nederland. Hij is lector Reclassering en Veiligheidsbeleid Avans Hogeschool.
Stefan Bogaerts was ook nauw betrokken bij de introductie van COSA. Hij is hoogleraar klinische forensische psychologie in Tilburg.
Banner COSA campagne
Banner COSA campagne
Protest en paniek in Leiden toen bekend werd gemaakt dat een ex-zedendelinquent er kwam wonen.
In de Verenigde Staten zijn borden als deze niet heel uitzonderlijk.
Of dit bord...
In Florida ligt Miracle Village waar ca. honderd ex-zedendelinquenten wonen omdat ze nergens anders terecht kunnen.
September 2015 Onderzoek gepubliceerd naar therapeutische castratie bij zedendelinkwenten in de jaren tussen 1920 en 1970.
Verwante vensters
2009 – Cirkels voor Ondersteuning, Samenwerking en Aanspreekbaarheid (COSA)
Vrijwilligers begeleiden ex-zedendelinquenten
"Bill had called me a few months before wondering if we could put Charlie on a Mennonite farm upon release, in a caring and structured home without children. He was 41 years old but he had been raised in foster homes and large institutions where he himself had been sexually abused as a child.
Trying to place Charlie on a farm proved futile, but I told Bill that maybe we could create a 'circle of support' for Charlie in Hamilton. I recruited members from my congregation and community to be part of a small circle so that Charlie would have somebody in the community when he landed, like a surrogate family. We informally called our group 'Charlie's Angels'. We never conceived of this as a program. We just wanted to do something to help one guy, Charlie. I also knew that if nothing was done there would be another victim.
Within two days of his release the police made his picture available to the media and warned the community of his presence among us. He was front page news. We had two congregational meetings at which everyone was invited to speak. Fears for our kids were expressed. What resources did we have as a little group to cope with this complex, polarizing issue? In the midst of the discussion, dear Eleanor, one of the most vulnerable of our community, spoke up, "If Jesus hadn't welcomed me, where would I be today?" The group decided unanimously to welcome Charlie, recognizing that we would all need to work together to help him avoid problem situations."
Testimony Chaplain Harry Nigh, 1994
lees verder bij Aanvullende informatie.
De terugkeer van veroordeelde zedendaders (met name pedoseksuelen) in de samenleving kan zorgen voor sterke gevoelens van onrust en onrechtvaardigheid in de samenleving, ook als er nog sprake is van reclasseringstoezicht. In 1994 nam Harry Nigh, een dominee in het Canadese stadje Hamilton het initiatief om voor de 41-jarige Charlie, een vrijgekomen zedendader, samen met medeburgers een ‘circle of support’ te vormen, als antwoord op de morele paniek die het stadje door zijn terugkeer in haar greep hield. De leden van zijn Mennonitische kerkgenootschap namen zelf de regie in handen en hielpen Charlie op het rechte pad te blijven. Inmiddels is deze aanpak in vijftien landen omarmd, waaronder Nederland. Cirkels voor Ondersteuning, Samenwerking en Aanspreekbaarheid, (kortweg: COSA) zijn een voorbeeld van actief burgerschap om veiligheid en sociale inclusie te bevorderen. Cirkels worden ook gezien als een herstelgerichte praktijk.
Rond een veroordeelde zedendader (kernlid genoemd binnen COSA) wordt bij terugkeer in de samenleving een groep van drie tot vijf getrainde vrijwilligers geformeerd (de binnencirkel). Daaromheen staat een groep professionals (de buitencirkel). Een cirkelcoördinator van Reclassering Nederland begeleidt de vrijwilligers en zorgt voor de koppeling tussen binnencirkel en buitencirkel: zie de illustratie links.
Samen werken zij aan het primaire doel van COSA: geen nieuwe slachtoffers. Hiervoor sluiten zij met het kernlid een contract af, waarin ook wordt vastgelegd dat het kernlid, de vrijwilligers en de cirkelcoördinator geen geheimen voor elkaar hebben.
In fase 1 komen de eerste acht weken de gehele binnencirkel en de cirkelcoördinator bijeen. Vervolgens worden groepsbijeenkomsten afgewisseld door individuele contacten. De cirkel bepaalt met elkaar en met de cirkelcoördinator vorm en frequentie. De duur van fase 1 wisselt in de praktijk. Soms is het al na twee of drie maanden mogelijk over te gaan naar fase 2, met een lagere contactfrequentie (één tot drie keer per maand). Soms duurt het langer. Fase 1 en 2 duren bij elkaar ongeveer 2.5 jaar. In de 3e en laatste fase zetten één of twee mentoren de begeleiding voort, zonder de binnencirkel. De praktijk wijst uit dat zedendaders vaak lang (meer dan twee tot drie jaar) aan de COSA-aanpak verbonden blijven voordat deze kan worden afgesloten.
Reclassering Nederland en Avans Hogeschool zijn in 2008 gestart met de voorbereidingen van de eerste cirkels. Jaarlijkse projectsubsidie van het ministerie van Veiligheid en Justitie ondersteunde de implementatie. In Nederland zijn in de periode 2009-2015 in totaal 74 zedendaders gestart met COSA. Meer dan 225 vrijwilligers zijn opgeleid. De aanpak is vanaf 2013 landelijk beschikbaar. Vanaf 2016 is COSA de projectfase voorbij en maakt het onderdeel uit van het reguliere aanbod van de reclassering.
Onderzoek naar COSA laat vrijwel zonder uitzondering positieve resultaten zien in termen van minder recidive, betere re-integratie, en kostenbesparing. In Nederland bedroeg de recidive (=veroordeling zedendelict) in 2015 nog 0%, hoewel bij drie kernleden verdenking bestond van een zedendelict. In studies naar zedenrecidive onder zedendelinquenten (3-5 jaar) worden in vergelijking recidivecijfers tussen circa 15%-30% genoemd. (Wilson et.al. 2009; Wilson et.al. 2007a). In internationaal onderzoek wordt 70% lagere recidive door COSA gevonden. Schattingen in het Verenigd Koninkrijk laten zien dat kostenbesparing door COSA ligt tussen de 3% (alleen kostenreductie in de strafrechtsketen) en 57% (maatschappelijke kosten meegerekend).
Publicatiedatum: 10-02-2015
Datum laatste wijziging: 16-06-2017
Auteur(s): Bas Vogelvang
Verwante vensters
- 1956 Henk Heithuis - gecastreerd na aangifte misbruik
- 1971 Stigma
- 2012 Geweld in de jeugdzorg - de commissies-Samson/Deetman/De Winter
- 2014 De burgemeester van Leiden
Extra
Vrijwilligers helpen bij doorbreken sociaal isolement
Sociaal isolement is bij een
zedendader één van de belangrijkste
risicofactoren. Het overgrote deel van de kernleden (de
voormalige zedendader) verkeert
bij de start van COSA in een sociaal isolement. Zelf noemen
kernleden vooral het kunnen oefenen met sociale
vaardigheden (als in een soort ‘proeftuin’) als
belangrijke meerwaarde. Enkele kernleden benadrukken
dat ze zonder de cirkel waarschijnlijk geïsoleerd waren
gebleven en benoemen ook zelf de risico’s die dat met
zich meebrengt.
Landelijk projectleider COSA Sylvia van Dartel: 'De drie tot
vijf vrijwilligers die de zedendelinquent
onder leiding van een cirkelcoördinator van Reclassering
Nederland begeleiden, zijn er aan de ene kant voor de
sociale ondersteuning en aan de andere kant om te signaleren
en te monitoren. Het contact bestaat voor 75% uit
ondersteuning en voor 25% uit het monitoren van de
zedendelinquent'.
2014 is een jaar van groei geweest, aldus Van Dartel. Bij 65
nieuwe
zedendelinquenten werd bekeken of ze aan de selectiecriteria
voldeden. Ongeveer de helft daarvan stapte in een COSA-
cirkel. Een enorm verschil met het begin: dat waren er vijf
jaar geleden nog maar vijftien
per jaar.'
De grote media-aandacht voor de zaak Benno L. was van
directe invloed op de vrijwilligers uit de COSA-cirkel van
Benno L. en de manier waarop zij de cliënt begeleidden.
Vrijwilligers moesten een cursus
Omgaan met agressie volgen en werden begeleid in het
contact met media. Alle media-aandacht heeft het aantal
belangstellenden echter niet afgeschrikt, zegt Van Dartel:
'Er waren in 2014 134 vrijwilligers actief binnen COSA. 128
waren in afwachting van een cirkel en 53 stonden eind 2014
nog op een wachtlijst voor een basistraining COSA.'
Verder studeren
- C.E. Hoogeveen & M.Y. Bruinsma (2015), COSA in Nederland. Resultaten van netwerken rond zedendaders in de periode 2010 - 2015. 's-Hertogenbosch: Bureau Alpha.
- Mechtild Höing, Stefan Bogaerts & Bas Vogelvang (2014), Helping Sex Offenders to Desist Offending The Gains and Drains for CoSA Volunteers—A Review of the Literature. in: Sexual Abuse. A Journal of Research and Treatment, June 2014.
Literatuur
- Mechtild Höing, Bas Vogelvang & Stefan Bogaerts (2013), Effecten van COSA in Nederland. Beknopte rapportage. Uitgave van Programmabureau Circles-NL (Expertisecentrum Veiligheid Avans Hogeschool en Reclassering Nederland).
- Mechtild Höing en Bas Vogelvang (2012), COSA in Nederland: eerste ervaringen Een onderzoek naar de proefimplementatie van een nieuwe aanpak voor de re-integratie van veroordeelde zedendelinquenten. Tijdschrift voor Herstelrecht 2012, nr. 2.
- M.M. Boone, H.G. van de Bunt & D. Siegel m.m.v. K. van de Ven (2014), Gevangene van het verleden. Crisissituaties na de terugkeer van zedendelinquenten in de samenleving. In opdracht van Politie & Wetenschap, Apeldoorn. Universiteit Utrecht; Erasmus Universiteit Rotterdam.
- Centre for Public Safety and Criminal Justice Avans Breda. (2015), European Handbook COSA, Circles of Support and Accountability 2nd Revised Edition. Circles4EU, Avans University of Applied Sciences, Centre for Public Safety and Criminal Justice.
Aanvullend materiaal
- Harry Nigh (1994), Testimony about the start of COSA
- M. Höing (2014), Factsheet COSA. ’s-Hertogenbosch: Programmabureau Circles-NL(Expertisecentrum Veiligheid Avans Hogeschool en Reclassering Nederland).
- Reclassering Nederland (2015), Informatieblad Zedendelinquenten in Nederland. Overzicht bijgewerkt tot en met 2014.
- Ditty Eimers (2014), Pedomaatjes. "Het is niet alleen gezellig met meneer." Vrij Nederland, 12 april 2014.
- Lidy Nicolasen, Joost de Vries (2011), 'Virkel houdt pedo op het rechte pad' , in: de Volkskrant, 23 juli 2011.
Links
- De oudste COSA-gemeenschap.
- Website COSA Nederland.
- Bas Vogelvang & Mechtild Höing, Research and best practices in Circles4EU. First International COSA
- Website Circles4EU
- COSA op Wikipedia.
Video
Gepubliceerd op 1 dec. 2014.
COSA is een methode om daders van zedenmisdrijven veilig te laten terugkeren in de maatschappij. COSA staat voor ‘Cirkels voor Ondersteuning, Samenwerking en Aanspreekbaarheid’. Doel van de methode is om te voorkomen dat zedendaders nieuwe slachtoffers maken. Het idee is dat een cirkel van drie tot vijf vrijwilligers de zedendader bij dagelijkse bezigheden bijstaat. Zo wordt voorkomen dat deze in een sociaal isolement raakt en daarmee opnieuw de fout in gaat. Met de inzet van vrijwilligers wordt de kans op recidive dus aanzienlijk verkleind. Als COSA vrijwilliger levert u zo een actieve bijdrage aan een veiliger samenleving.
No One Is Disposable: Circles of Support and Accountability (CoSA), 10 min. Informational Video about COSA. CoSA are covenantal Partnerships between individuals recently released from prison and congregational faith teams of 5-10 members to help the offender and the Durham community reconnect and restore wholeness to one another.
Yorkshire and Humberside Circles of Support and Accountability, 4:36.
The Guardian Small Charity Awards 2013 - winner's promotional video.
Acknowledgements to Mark Green