Canon Sociaal-cultureel werk
Loverboys, een oud verschijnsel in nieuwe gedaante.
1885: Vrijwilligsters waakzaam aan de haven, links loert een geniepige pooier met zijn helpster.
1920: Stationsjuffrouwen verwijzen meisjes naar een betrouwbaar adres voor kamers en werk.
Waarschuwingstekst.
Van Maria Mosterds boek Echte mannen eten geen kaas (2008) werden meer dan 450.000 ex. verkocht. Klik voor info.
Rechercheur en jeugdauteur Helen Vreeswijk schreef in 2005 Loverboys. Klik voor info.
Rockgroep Loverboy
Nederlands Jeugd Musical Theater met musical Loverboy. Klik voor promo filmpje.
Poster Italiaanse comedie Loverboy (1975) met actrice Edwige Fenech.
Campagne sexting
1996 Loverboys
Meisjes beschermen of jongens aanpakken
In 1995 werden in Utrecht vier mannen gearresteerd die jonge meisjes hadden geworven om in de prostitutie te werken. Nieuw aan de werkwijze van de mannen leek dat zij erin waren geslaagd de meisjes verliefd op hen te laten worden. Dat dit was gelukt was te zien op de dag van de zitting toen enkele meisjes buiten stonden met spandoeken waarop stond ‘Laat onze lieffies vrij’.
Deze mannen waren door hun manier van werken ’Loverboys’ gaan heten. Hulpverleners introduceerden deze term en de politie nam hem over. Het woord geeft het mechanisme weer dat emotioneel verwaarloosde meisjes, die hebben geleerd dat zij met seksualiserend gedrag de aandacht van mannen op zich kunnen vestigen, zich aangetrokken voelen tot branieschoppende jongens. Deze jongens hebben vaak eenzelfde verleden. De naar verslaving neigende behoefte aan relaties maakt deze meisjes vaak een gemakkelijke prooi voor jongens die weinig te verliezen hebben. Lang niet iedereen vond ’Loverboys’ een gelukkige term en bleef het woord pooier gebruiken. Deze critici waren van mening dat er niets nieuws onder de zon was en dat er altijd al mannen (souteneurs) waren geweest die vrouwen voor zich lieten werken.
Hulpverlening aan meisjes met als doel te voorkomen dat zij in handen vallen van verkeerde mannen is niet nieuw. Vanaf ongeveer 1880 verschenen leden van verschillende vrouwenbewegingen ter bescherming van meisjes regelmatig op stations van grote steden. Met dit stationswerk boden zij hulp aan meisjes die naar de stad kwamen om in de huishouding te werken. Vaak werden deze meisjes op het station benaderd door mannen die hen naar het bordeel wilden lokken. Zo’n 35 jaar daarvoor was er in Zetten door dominee Ottho Heldring het tehuis Steenbeek opgericht waar ’gevallen vrouwen’ werden begeleid naar een nieuwe toekomst, als dienstbode. Zowel de vrouwenverenigingen als de Heldringstichting waren christelijke beschavingsoffensieven. Zij hadden geestelijke en maatschappelijke redding van zogenaamde gevallen vrouwen als doel.
Tegenwoordig zijn het welzijnsinstellingen, de vrouwenopvang en jeugdzorg die hulp en opvang bieden aan slachtoffers van loverboys. Er zijn diverse vormen zoals opvang in een huiselijke sfeer waar meiden met vragen terecht kunnen; anonieme opvang en begeleiding van jonge vrouwen die aan hun loverboy willen ontsnappen. Ook wordt individuele hulpverlening geboden gericht op het aangaan van relaties en voorlichting over misbruikrelaties gegeven op scholen en in buurtcentra. De hulpverlening is vooral gericht op emotionele en materiële versterking van de meisjes en in veel gevallen wordt de omgeving betrokken bij de hulpverlening. Bescherming van kwetsbare groepen speelt net als vroeger nog wel degelijk een rol, al gaat het tegenwoordig ook om emancipatie en weerbaarheid van jonge vrouwen.
De aanpak van loverboys blijft ingewikkeld. Van het strafrecht wordt nog maar weinig gebruik gemaakt en vaak gaan verdachten wegens gebrek aan bewijs vrijuit. Her en der wordt geëxperimenteerd met de ’patseraanpak’ waarbij veelplegers de statussymbolen die zij hebben verkregen door criminele activiteiten moeten inleveren. De overheid heeft haar pijlen gericht op preventie van potentiële slachtoffers en veel minder op de aanpak van daders.
Publicatiedatum: 01-08-2014
Datum laatste wijziging: 15-05-2023
Auteur(s): Suzanne Hautvast
Verwante vensters
Extra
Oud verschijnsel in nieuwe gedaante?
In opdracht van de gemeente Amsterdam deed het Willem
Pompe Instituut
in 2004 onderzoek naar het loverboyfenomeen. Volgens de
onderzoekers geeft de empirische werkelijkheid er geen
aanleiding toe het probleem van de loverboys apart te
benoemen. Sinds jaar en dag en overal ter
wereld komt de figuur voor van de pooier die jonge
vrouwen verleidt om ze in de prostitutie te brengen.
In de onderzochte groep mannen domineerden de ’harde
koppen met rafelige matjes in de nek en gouden kettingen om
de hals’ die niet voldeden aan het stereotiepe beeld van de
knappe jongen. De onderzoekers verbazen zich erover dat deze
mannen door sommige meisjes ooit ’loverboys’ werden genoemd.
Zij concluderen dat het begrip is ontsproten aan de
romantische fantasie van meisjes die zich van hun
souteneurs los wilden maken en bij de hulpverlening een
willig oor vonden. Hun conclusie: ’De publiciteit en het
publieke vertoog rond het probleem van de loverboys wordt
gedomineerd door het slachtofferperspectief. Dit staat een
goed begrip in de weg. Het gaat hier om perverse relaties
tussen mannen en vrouwen die ieder hun eigen aandeel hebben
in het ontstaan en bestendigen van prostitutieactiviteiten’.
Verder studeren
- Frank Bovenkerk, Marion van San, Miranda Boone e.a. (2006), Loverboys of modern pooierschap. Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij Augustus.
Literatuur
- O.W. Dubois (2011), Reddende Liefde. Het werk van de Heldringstichtingen in Zetten 1847-2010. Hilversum: Verloren.
- Pauline Pels (1993), 'Juffrouwen met een rood-witten band om den arm',. Een beknopte geschiedenis van de Nederlandsche Vereeniging ter Behartiging van de Belangen der Jonge Meisjes', in: Jeugd en Samenleving, oktober 1993, 509-516. Over het werk van de 'stationsjuffrouwen' die meisjes die naar de grote stad kwamen, opvingen, om te voorkomen dat ze in handen vielen van pooiers.
- Barbara Henkes (1995), Heimat in Holland. Duitse dienstmeisjes 1920-1950. Amsterdam: Babylon-de Geus.
- Maarten van der Linde (2013), Basisboek geschiedenis sociaal werk in Nederland, Amsterdam: SWP, 5e druk, 141-142.
Aanvullend materiaal
- Publieke Omroep (2010), Dossier Loverboy. Verschillende items over Loverboys uitgezonden door de publieke omroep, vanaf 2010.
- Wikipedia (2011), Maria Mosterd, hoe betrouwbaar is haar verhaal over loverboy Manou en haar gedwongen prostitutie?
Links
- Pretty Woman, hulpverlening bij relaties en seksualiteit
- Slachtofferhulp loverboys
- Website over loverboys van Het Scharlaken Koord
- Sterk Huis Loverboys
- Chat met Fier
Studieopdrachten
Klik hier om de studieopdrachten te bekijken
Video
YouTube, 4 nov. 2015 | Het Utrechtse project Bloedlink is, samen met het project BuurTent uit Tilburg, winnaar van de Hein Roethofprijs 2015. Bloedlink is een project van de Utrechtse politie en Pretty Woman. Het maakt het taboeonderwerp seksualiteit bespreekbaar in de brugklas en de moskee onder jongeren en hun ouders uit niet-westerse culturen.