Paters van de sociale actie Erik Sengers
Paters van de sociale actie
De Abdij van Berne en de sociale kwestie 1895-1940

Berneboek.com, Heeswijk, 2019
ISBN 9789089723543
€ 29.95
Bestellen
eerste   vorige   overzicht   volgende   laatste
In de periode 1895-1940 hebben vier paters van de abdij van Berne bijgedragen aan de verbetering van de sociale omstandigheden in Nederland en Noord-Brabant in het bijzonder.

De vier paters werden alle voormannen van de katholieke sociale actie. Zij reageerden op en raakten betrokken in wat in die tijd de sociale kwestie in Nederland genoemd werd. Veel mensen kennen de activiteiten van Alphons Ariëns in Twente, van Henri Poels in Limburg en van Johannes Aengenent in Noord- Holland. Minder algemeen bekend zijn de paters Gerlacus van den Elsen, Jos Nouwens, Julius van Beurden en Pius van Aken. Hun denken en activiteiten liggen allereerst binnen de katholieke organisaties in Noord-Brabant en zwermen van daaruit door naar organisaties van andere levensbeschouwelijke kleur. Erik Sengers onderzoekt in dit boek de vraag hoe een religieuze gemeenschap een eigen uitleg gaf aan de sociale voormannen en welke rol zij speelden. Het is een sociale geschiedenis geworden, die van binnenuit beschreven wordt, vanuit de levensgeschiedenissen van het grote sociale klavertje vier.

Sociale klavertje vier
De ‘boerenapostel’ Gerlacus van den Elsen is een begrip in Noord-Brabant. Met hem waren meer paters van de abdij van Berne actief in een tijd die gekenmerkt werd door grote economische, maatschappelijke en politieke spanningen. Jos Nouwens en Julius van Beurden waren de grondleggers van de middenstandsbeweging. En Pius van Aken legde de basis voor de werkgeversorganisaties. Typerend voor hun werk was dat ze invloedrijke werken en adviezen schreven en die tegelijk verbonden met daadkracht. De organisaties en coöperaties die ze oprichtten verbeterden daadwerkelijk de situatie van boeren en middenstanders. De werkgevers werden bewogen zich meer te interesseren voor het lot van hun werknemers. De sociale ideeën van deze paters over de ordening van de economie zijn nog steeds voor onze tijd relevant.

Sociale actie vanuit Berne
De sociale actie vanuit Berne begon eind negentiende eeuw met Gerlacus van den Elsen, die de boeren mobiliseerde en uit wiens actie onder andere de Rabobanken voort zouden komen. Begin twintigste eeuw werd het werk uitgebreid naar de middenstandsbeweging onder leiding en inspiratie van Jan Nouwens en zijn opvolger Julius van Beurden. Ongeveer tegelijkertijd, maar iets later dan Nouwens, raakte Pius (L.) van Aken betrokken bij de sociale actie onder werkgevers. Hun actie oversteeg verre het regionale Brabantse niveau en ze zouden alle vier landelijk en deels zelfs internationaal een prominente rol gaan spelen in de aanpak van de sociale problematiek. Daarbij voerden ze aan de ene kant publicitaire actie, waarmee ze de kennis van de problematiek verdiepten en de oplossingen verdedigden en uitwerkten die ze vanuit het katholiek- sociale gedachtegoed aanboden. Aan de andere kant waren ze bestuurlijk intensief betrokken bij een veelvoud van maatschappelijke organisaties, die de bedachte oplossingen in de praktijk omzetten. Ook werden ze gevraagd als adviseurs voor andere politieke, economische en maatschappelijke organisaties. Kortom: vele draden van het (katholieke) maatschappelijke netwerk kwamen in de eerste vier decennia van de twintigste eeuw in Berne bijeen.

Bijzonder en uniek
Eigenlijk is het bijzonder dat een religieuze gemeenschap die vanuit haar inspiratie betrokken is bij liturgie, prediking en zielzorg in korte tijd zo’n duidelijk maatschappelijk profiel wist te ontwikkelen. Uniek is deze bijdrage door de rol en het profiel van de vier paters. Want de Abdij van Berne blijft als boventoon bij liturgie, prediking en zielzorg betrokken.
Erik Sengers zoekt met dit boek een antwoord op de vraag die de abdijhistoricus Alphons van den Hurk al stelde in een jubileumuitgave uit 1984: ‘Hoe daar in Berne ineens zulk een sociaal klavertje vier kon groeien, is eigenlijk nooit afdoende verklaard’. Sengers maakt eerst een verkenningstocht rond sociale kwestie, sociologie en sociale actie binnen de context van de negentiende en twintigste eeuw, de sociale kwesties die daar speelden, en de emancipatorische beweging van de katholieken die leidde tot de opkomst van de katholieke zuil.
Kenmerkend voor de inzet van alle katholieke voormannen is om de gehele katholieke groep in te spannen en in te zetten voor de sociale actie. Erik Sengers geeft met name aandacht aan de combinatie van theorievorming en publicitaire actie enerzijds en bestuurlijke inzet anderzijds. Als derde element speelt mee de opleiding van de paters in de abdij en de plaats van de normatieve sociologie daarbinnen. Deels hebben de voormannen zelf sociologie-cursussen gegeven, en zij baseren zich vooral op enkele Duitstalige (Duitse en Oostenrijkse) en Italiaanse auteurs.
In het onderzoek is gebruik gemaakt van de archieven van de abdij van Berne, de persoonlijke publicaties, zijnde brochures en boekjes van de voormannen, zoals aanwezig in universiteitsbibliotheken van Amsterdam (twee keer), Tilburg en Nijmegen en het Instituut voor de Sociale Geschiedenis te Amsterdam, en meer algemene literatuur, die ingaat op de periode van het einde negentiende eeuw en eerste helft twintigste eeuw.

Drie sociografische studies
De vier paters komen aan bod in drie hoofdstukken, die biografie mengen met de rol die elk gespeeld heeft in boerenstand, middenstand en werkgevers. Elk hoofdstuk begint met biografische notities. Vervolgens komen de kaders van de sociale actie in beeld: wat waren de problemen voor de doelgroep, hoe kwam men ertoe dat de actie noodzakelijk was? Daarna leveren de publicaties en voorgestelde oplossingen kennis, die gemengd met levensloop notities, ingaat op de bestuurlijke inzet van de besproken persoon. Ieder hoofdstuk eindigt met een samenvatting. Het laatste hoofdstuk van het onderzoek vat samen en typeert de sociale actie van de paters van de Abdij van Berne in het geheel van de katholieke sociale actie.

Tot elk goed werk bereid
De Abdij van Berne raakte betrokken bij de sociale kwestie en de sociale actie deels omdat er vier getalenteerde mannen present waren, in een periode die vroeg om daden en antwoorden. De emancipatie van de katholieken, waarbij congregaties en ordes een rol speelden in het educatieve en sociale vlak speelt ook mee. Door met een groep mee te lopen kwamen de sociale kwesties van andere groepen ook in beeld. En degenen die zich inzetten, raakten landelijk en internationaal betrokken. Het typisch Van Berne of typisch Norbertijnse is lastig aan te geven. Typisch is dat de paters tot elk goed werk bereid waren, en deze vier namen het goede werk van de sociale actie op zich.

Hub Crijns
oud-directeur landelijk bureau DISK

Recensie overgenomen uit: Diakonie & Parochie, jrg. 33, nr. 3, september 2020, p. 40-41.


eerste   vorige   overzicht   volgende   laatste